Één BIMmer maakt nog geen BIMmend bedrijf: de denkwijze achter BIM

Ontwikkeling

Gedragsverandering

BIM is noodzakelijk om enerzijds, nieuwbouw te laten voldoen aan de hoge eisen van de verduurzamingsslag en de energietransitie. Anderzijds, is het noodzakelijk voor de verduuzaming van het bouwproces. Het is van belang voor gebouwbeheer, hoe langer gebouwen en dus installaties meegaan hoe beter dat is voor het milieu. Maar BIM heeft ook keerzijden. Allereerst is het tijdrovend om het binnen een bedrijf of organisatie te implementeren. Één collega op een BIM cursus zetten maakt nog geen BIM-mende organisatie. Een gemiddelde BIM-centrische digitaliseringsslag voor een bedrijf kost drie tot vijf jaar. Ten tweede, is BIM duur. Om één persoon op te leiden tot gevorderde in Revit kost het €2000. En is daarbij een werkstation (€6.864) en een laptop (€4.519) nog nodig wordt het al snel meer dan €10.000 euro per personeelslid. (Ratelband et al, 2015) Ten derde, is en blijft BIM een computerprogramma en is daarmee binair. Het kan wel of het kan niet. Het is wél mogelijk om alles groter dan vijf centimeter te ontwerpen maar het is niet mogelijk om alles kleiner dan vijf centimeter te ontwerpen. Het is wel mogelijk om iets perfect rond te maken maar het is niet mogelijk dat iets niet perfect rond is. In de praktijk, vooral voor de installateur, zijn er kabels en leiding die kleiner zijn dan vijf centimeter. Er zijn buizen die andere vorm moeten krijgen. BIM is en blijft een computerprogramma. BIM is en blijft het middel en is nooit het doel op zich.

Dan de externe kant van BIM nog niet eens genoemd: de mensen. BIM verandert de manier waarop er gebouwd, gemonteerd, geïnstalleerd en geïsoleerd wordt. Het model, het proces en het beheer worden analytisch benaderd. Er is geen vraag meer om creativiteit. BIM voorspelt de clashes en de BIM modelleur cijfert ze weer weg. De digitalisering vraagt veel van mensen. Leren is een vorm van groei en groeien doet zeer. Maar achteraf zijn er weinig mensen die spijt hebben van ontwikkeling. Belangrijk is om de focus juist te verdelen over de lerende groep. Het 20-60-20 principe gaat er vanuit dat de eerste groep bestaat uit toppresteerders, die zelfs zonder toezicht grote winsten maken. De middengroep bestaat uit mensen die moeten worden beheerd om gemiddelde maar stabiele winsten te maken. De laatste groep zijn mensen die op weg zijn naar ontslag. (Jaworski & Pitera, 2015)

BIM is nodig om de verduurzamingsslag te laten slagen maar gedragsverandering moet daaraan vooraf gaan. “De kwaliteit van het ontwerp gaat vooruit met de toepassing van BIM maar de creativiteit op de bouwplaats wordt daarmee verboden. Goed voor terugdringen van faalkosten, maar de medewerkers in de uitvoering voelen zich beperkt. Het bouwen van morgen is anders dan vandaag. Tekeningen worden vaak bouwkundig en technisch onvoldoende uitgedetailleerd en er is niet voldoende informatie op de bouwplaats zelf. Zoals gezegd is het gevolg daarvan dat er veel creativiteit is op de bouwplaats. Monteurs zijn natuurlijk uitermate handig maar in de praktijk wordt niet altijd gebouwd wat er bedoeld is.”

Het laatste nieuws ontvangen?

Wil jij op de hoogte blijven van het laatste nieuws binnen jouw vakgebied? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief!

Inschrijven

Polanski & Partners gebruikt cookies om bepaalde voorkeuren te onthouden en vacatures af te stemmen op je interesses.